Dit artikel is eerder verschenen op Villamedia op vrijdag 8 november 2013

Al ruim dertig Nederlandse media, ook Villamedia, hebben zich aangesloten bij de klokkenluiderssite Publeaks. De gelekte informatie ligt niet direct op straat, maar de pers fungeert als filter tussen klokkenluider en het nieuws. Ter ondersteuning van de rol van de media in het democratische proces.

Het idee voor Publeaks ontstond tijdens het lezen van een berichtje in de krant over vondelingenluikjes in België. Achter zo’n luikje laat een moeder anoniem en veilig haar kindje achter als ze er niet voor kan of wil zorgen. Hoe mooi zou het zijn als er ook een anonieme afgifteplek bestaat voor informatie over misstanden in de samenleving, dat was de gedachte. Een luik dat de bron én de journalist beschermt, dat de onderzoeksjournalistiek stimuleert en dat kan leiden tot een groter bewustzijn over de mogelijkheden, maar ook de risico’s van burgerjournalistieke samenwerking.

Burgers die misstanden onthullen, de klokkenluiders, zijn meestal niet te benijden. Ad Bos van de bouwfraude kon in de bouwsector geen baan meer vinden. Paul van Buitenenen, die sjoemelende Europese Commissie­leden ontmaskerde, werd op non-actief gesteld. En Fred Spijkers werd paranoïde en schizofreen genoemd na zijn onthulling over ondeugdelijke mijnen bij Defensie.

Ook journalisten zijn kwetsbaar. In 2006 werden twee Telegraaf-journalisten in gijzeling genomen in de Scheveningse gevangenis omdat ze weigerden hun bron bekend te maken. En er zijn meer voorbeelden van collega’s die bloot komen te staan aan juridische, financiële of persoonlijke dreigementen als gevolg van hun publicaties.

Enkele maanden voor de lancering van Publeaks, op 9 september, kwam klokkenluider Edward Snowden samen met filmmaakster Laura Poitras en journalist Glenn Greenwald met tot nu toe waarschijnlijk het meest indringende dossier dat via lekken naar buiten is gebracht. Snowden toonde overtuigend hoezeer de geheime diensten al de privacy van burgers schenden.

Diezelfde diensten blijken zeer ver te gaan in hun pogingen de nieuw verworven digitale opsporingsmethoden geheim te houden. Enkele weken geleden werd de partner van Greenwald aangehouden op Londen Heathrow onder de Terrorism Act, en sloeg de Britse geheime dienst computers kapot in de kelders van The Guardian.

Het internet en de opkomst van sociale media werden lang gezien als de infrastructuur die burgers zou bevrijden. De wereld zou steeds kleiner worden en de transparantie volledig. Perfecte illustratie van die gedachte was de Arabische Lente en de euforie die daarmee gepaard ging. De paradox blijkt echter dat dezelfde digitale technologieën niet alleen de burger, maar ook de overheid machtiger maken. De overheid heeft een instrument in handen gekregen om vrijwel onbeperkt ons gedrag te controleren, om onze communicatie en ons uitgaven­patroon op te slaan en uit te wisselen.

De vraag in welke mate burgers hun gekozen machthebbers kunnen vertrouwen is van alle tijden. Macht heeft, het is een bekend gezegde, de neiging te corrumperen, zeker als zij zich niet goed gecontroleerd weet. Het NSA-dossier is het ultieme bewijs dat we niet blindelings kunnen vertrouwen op de macht, noch op hen die de macht controleren.

De pers wordt wel de vierde macht genoemd, naast de drie machten uit Montesquieu’s Trias Politica. Maar eigenlijk is de pers een metamacht: een instrument dat het gehele uitvoerende, controlerende en rechtsprekende stelsel controleert. Daarmee vervullen media een sleutelrol in de democratie. Dezelfde media die nu door de economische crisis overal worstelen met teruglopende abonneebestanden, tegenvallende reclame-inkomsten en een krappere bezetting. Regionale journalistiek, de journalist van een lokale krant die altijd de gemeenteraads-vergaderingen bijwoont, was het eerste kind van de rekening. Tijdrovende en kostbare onderzoeksjournalistiek komt met krimpende redactiebudgetten eveneens onder druk te staan.

Tegelijkertijd met het afnemend vermogen tot controle door de pers, lijken zowel de inzet als de capaciteit van machthebbers toe te nemen om misstanden te verhullen. Juist daarom zijn bronnen van binnenuit organisaties, bedrijven en overheidsinstellingen zo belangrijk. Bronnen die dicht bij het vuur zitten en die bewijsmateriaal kunnen doorspelen.

Publeaks geeft de burger een extra instrument om actief mee te helpen aan het controleren van de macht.

Het versterken van de burgerjournalistieke samenwerking is een van de peilers onder de oprichting van Publeaks. Het geeft de burger een extra instrument om actief mee te helpen aan het controleren van de macht. De burger is getuige van misstanden, soms ook slacht­offer daarvan, en bij uitstek in staat om daar iets tegen te ondernemen. Door anonimiteit te garanderen, wordt de drempel lager.

De angst voor ontmaskering van bronnen is begrijpelijk. Discussies over Manning en Snowden als held of landverrader werken afschrikwekkend. Soms zijn er ook praktische redenen, angst voor baanverlies. Of juridische: de oud-werknemers van de Gaykrant waren gedwongen een geheimhoudingsverklaring te ondertekenen toen ze ontdekten dat ze jarenlang geen pensioen hadden ontvangen. Een anonieme tip via Publeaks naar de Volkskrant leidde uiteindelijk tot de val van partijleider Henk Krol. Doordat de verslaggever op zoek ging naar bronnen en documenten die de tip konden bevestigen.

Publeaks werkt fundamenteel anders dan de leksite WikiLeaks. Publeaks publiceert niets, het is slechts een doorgeefluik van de klokkenluider naar de pers. De aangesloten media hebben beloofd zich te houden aan de code van Bordeaux: zij checken de informatie op waarheidsgehalte, gaan op zoek naar ondersteunende bronnen en documenten en passen hoor en wederhoor toe. Zij kunnen via een anoniem messageboard contact zoeken met de tipgever, maar die hoeft daar niet op te reageren.

Wat Publeaks ook onderscheid, is de unieke samenwerking tussen vrijwel alle grote media in Nederland. Daarop kwam aanvankelijk kritiek. ‘Ik vind dat media sterker worden door concurrentie en niet door samenwerking’, zei Arendo Joustra van Elsevier die zich bewust niet aansloot bij Publeaks. Wij zijn van mening dat juist het breder kunnen lekken bijdraagt aan de betrouwbaarheid en het succes van het initiatief. Bovendien is informatie die in één keer op meerdere plekken beland, moeilijker tegen te houden. Media zijn vervolgens niet tot samenwerking verplicht. Zij zien welke andere media de tip hebben ontvangen, kunnen ook checken of de tip al door die media is bekeken. Maar tot nu toe heeft dit, voor zover ons bekend, nog niet geleid tot gezamenlijke producties.

Wat Publeaks ook onderscheid, is de unieke samenwerking tussen vrijwel alle grote media in Nederland.

Toch vinden wij het denkbaar dat kwaliteitsmedia in de toekomst gaan samenwerken op gecompliceerde en juridisch riskante onderzoeksdossiers. De afgelopen jaren zagen we daar al wat mooie voorbeelden van: de Volkskrant, de BBC, The Guardian en de Noorse radio werkten nauw samen aan publicaties over het gifschip Proba Koala. Trouw nam deel aan een onderzoek door journalisten uit veertig landen om geldstromen van offshorebedrijven naar belastingparadijzen in kaart te brengen. Waarom zou zo’n samenwerking niet in Nederland mogelijk zijn? NRC en de Volkskrant zullen wellicht niet snel de handen ineenslaan, maar een krant en een televisieprogramma kunnen prima samen optrekken.

Ander punt van kritiek was de kwetsbaarheid van de technologie. Begin oktober was Publeaks voor het eerst doelwit van een spamaanval. Dat was onhandig voor de ontvangende media, maar geen informatie is verloren gegaan, geen bronnen zijn in gevaar gebracht. Publeaks, gebaseerd op de technologie van GlobaLeaks, is zo veilig als op dit moment mogelijk is in combinatie met een redelijke werkbaarheid. De veiligheid is onafhankelijk getest door experts van Least Authority.

Wij vinden het ondenkbaar dat journalisten zich blijven beperken tot het communiceren via post, telefoon of in parkeergarages. Bovendien is dergelijke communicatie ook riskant voor een bron: post kan zoekraken, telefoons en ruimtes kunnen worden afgeluisterd. Het volledige onbenut laten van technologische mogelijkheden om veilig te lekken vinden wij dan ook een merkwaardige grondhouding.

Deze maand is het aantal deelnemende media aan Publeaks uitgebreid van 14 naar 32. In Italië is inmiddels een zusterinitiatief van start gegaan en in een aantal andere landen zijn er platforms in voorbereiding. De eerste resultaten zijn nog bescheiden in aantal, maar we horen dat allerlei journalisten met tips aan de slag zijn gegaan. En er hoeven natuurlijk niet aan de lopende band partijleiders en raden van toezicht af te treden.

Publeaks is, naar ons idee, een bijdrage aan de vitaliteit en kracht van het journalistieke vermogen, in een tijd waarin de journalistiek onder druk staat. Controle op de macht en het onthullen van misstanden blijven hard nodig. Een ieder is uitgenodigd om mee te denken en mee te doen.