Zoals veel dingen op het internet, is het Internet Governance Forum – het jaarlijkse forum dat georganiseerd wordt door de Verenigde Naties waar overheden en andere stakeholders in debat gaan over internet governance – ontstaan uit een ruzie. Tijdens de World Summit on the Information Society (WSIS), een tweedelige conferentie die ook wordt georganiseerd door de VN in 2006, vonden verschillende overheden het onterecht dat de VS unilateraal toezicht had op ICANN. ICANN is één van de belangrijkste organen dat verantwoordelijk is voor het management van de technische ruggengraat van het internet. Als tegenreactie besloot deze groep overheden het IGF op te richten. De VS steunde dit initiatief. Voornamelijk om de angel uit het debat over ICANN te halen. Maar ook omdat het IGF in hun optiek een goed platform zou bieden voor moeilijke debatten over internet governance binnen een forum zonder bindende besluitvorming. Daarnaast steunden veel spelers uit het maatschappelijk middenveld deze oplossing omdat het forum zou werken op basis van het ‘multistakeholder model’, waarbij alle genodigden op gelijke voet konden deelnemen.

Afgelopen november vond de 10de versie van het IGF plaats in João Pessoa, Brazilië. Het thema van de bijeenkomst was ‘Evolution of Internet Governance: Empowering Sustainable Development’. Dit thema had een dubbele laag aangezien het mandaat van de IGF tien jaar is. Zonder (her)verlening door de Algemene Vergadering van de VN tijdens de WSIS + 10 meeting eind december 2015, zou dit de laatste IGF zijn. Al deze zaken maakten het voor mij extra bijzonder aanwezig te zijn op het IGF. De IGF workshops waren verdeeld in verschillende sub-thema’s, zoals mensenrechten, diversiteit, cyber security en internetfragmentatie. Het was opvallend dit jaar dat de thema’s van de workshops nauw verbonden waren met offline politieke ontwikkelingen. Voorbeelden hiervan zijn: het recente oordeel van het Europese Hof van Justitie over de Safe Harbor Agreement, de voortgang van de IANA transitie, het debat over zero-rating en terrorisme. Daarnaast lag er een sterke focus op zaken die misgaan op het internet.

En wat gaat er allemaal fout op het internet? Er waren twee issues die in verschillende workshops meermaals terugkwamen, en op verschillende manieren reële bedreigingen zijn voor het voortbestaan van het open internet. De eerste is internetfragmentatie, het uiteenvallen van het internet langs nationale grenzen. De kracht van het internet zit in haar vermogen om mensen met elkaar te verbinden, en services aan te bieden ongeacht de fysieke locatie van gebruikers. In de afgelopen jaren maakten verschillende ontwikkelingen dit steeds moeilijker. Voorbeelden zijn de technische, juridische, en politieke stappen die zijn gezet door verschillende overheden, bedrijven en andere actoren om datastromen te beperken. Sommige van deze maatregelen hadden legitieme redenen, zoals het beschermen van privacy of het technische netwerk zelf. Hieronder valt bijvoorbeeld het recente Safe Harbor oordeel. Minder legitiem zijn andere voorbeelden zoals de data lokalisatie wet van Rusland, of de belofte die China bij bedrijven afdwingt inzake de omgang met persoonlijke data van Chinese burgers. Al deze voorbeelden – of ze nu binnen of buiten de perken van internationaal recht en bijbehorende normen vallen – oefenen druk uit op het voortbestaan van een open en vrij internet.

Een tweede terugkerend probleem is de manier waarop het IGF invulling geeft aan het begrip ‘multistakeholder cooperation’. In de afgelopen tien jaar was de toewijding van overheden om non-gouvernementele organisaties te betrekken bij conversaties tijdens (of in voorbereiding van) het IGF niet altijd aanwezig. Vaak gaven overheden de voorkeur aan multilaterale werkverbanden. Hierdoor waren ngo’s en andere vertegenwoordigers van het maatschappelijk middelveld de facto uitgesloten van participatie in debatten over zaken die wel van belang waren voor hun achterban.

De Braziliaanse President Rousseff gaf in haar openingsspeech op het IGF aan dat hoewel ‘er geen tegenstelling is tussen multistakeholder en multilaterale samenwerking (…) er voor sommige thema’s samenwerking op een multilateraal niveau nodig is’. Met deze dubbelzinnige uitspraak haalde zij zich veel kritiek op de hals. Vooral de aanwezige activisten en enkele academici vinden dat een te groot deel van de belangrijke gesprekken over de toekomst van het internet achter gesloten deuren gevoerd wordt en ze vinden dat individuen die hiertegen protesteren monddood worden gemaakt. Deze kritiek werd kracht bijgezet door een groep actievoerders – die zich uitspraken tegen de zero-rating – de toegang tot het IGF te ontzeggen. Enkelen kregen weer toegang na interventie van de verschillende aanwezige ngo’s. Deze twee uitdagingen, de eerste gerelateerd aan de negatieve invloed van het beperken van datastromen en de tweede aan de procedurele gang van zaken op het IGF, zijn serieuze obstakels voor het voortbestaan van het internet.

Naar alle waarschijnlijkheid wordt het mandaat van het IGF in december met tien jaar verlengd. De vraag blijft echter wel wat de toegevoegde waarde is van een forum dat geen bindende beslissingen kan nemen en dat niet in staat is om een echt multistakeholder platform te bieden. Als we op zoek zijn naar een platform waar iedereen ongegeneerd langs elkaar heen kan schreeuwen zonder verdere repercussies voor de offline wereld, zouden we wellicht volgende jaar een online IGF op Reddit of Facebook kunnen organiseren – klinkt de kritiek.

Anderzijds is het karakter van het IGF als een ‘talk-shop’ wel degelijk belangrijk. Het is namelijk één van de weinige forums waar vertegenwoordigers van alle belangrijke stakeholdergroepen samenkomen. Daarnaast is het een uniek, langlopend experiment in het multistakeholder model. En hoewel blijkt dat mensen zich tijdens de conferentie nog veel in hun eigen silo’s bewegen, is het ook een plek waar je met regelmaat gebalanceerde panels ziet. Waar men vaak een vertegenwoordiger van de technische gemeenschap tijdens de koffiepauze in discussie ziet gaan met een activist. Het is één van de weinige plekken waar ambtenaren, activisten en academici gezamenlijk een bar in lopen. Het lijkt het begin van een slechte grap, maar het zijn deze momenten die het IGF belangrijk maken. Want de problemen die ik in deze blog schets, zijn slechts enkele voorbeelden van de uitdagingen waar we voor staan. Als deze niet nu, en met alle betrokkenen, worden aangepakt is er wellicht geen reden om het mandaat van het IGF met 10 jaar te verlengen, omdat het internet zoals wij het kennen dan niet meer bestaat.